

De Sint-Annaparochie heeft een eigen karakter. Het is een kleine gemeenschap van ongeveer 1200 inwoners waarvan drie kwart van de bevolking tot de gemeente Hamme behoort en het overige deel inwoners van Waasmunster zijn. Voor een buitenstaander lijkt dit moeilijk maar de mensen van Sint-Anna voelen zich één parochie. Het kerkelijk leven gaat heel ver terug.
Reeds in de 14de eeuw was hier een kapel toegewijd aan de H. Anna. Door wie zij gesticht werd, staat niet beschreven, evenmin of zij van bij de aanvang of later van een kapelanij werd voorzien.
Volgens een oorkonde, die deel uitmaakt van het archief van de kerk, vroegen de bewoners van Sint-Anna reeds in de 17de eeuw de inrichting van een parochie, met een pastoor, verzoek dat herhaalde malen, tot in de loop der 18e eeuw, vernieuwd werd.
In 1640 verhief de bisschop Triest de kapel tot proosdij met een zielenlast en verplicht verblijf van de proost.
In 1683, na een nieuwe vraag tot afscheiding van de moederparochie (Waasmunster), verkreeg men de toelating tot het plaatsen van een doopvont.
In 1717 was er een derde verzoek tot oprichting van een succursaal (hulpkerk) van Sint-Anna door de families van baron Dumont, Rogman en Maerschalk waarna aan de proost een vergunning werd gegeven om het sacrament van het huwelijk toe te dienen. Hiervan werd nochtans in het begin van de 18de eeuw geen gebruik van gemaakt.
Volgens brieven van 1373 werd toen het kerkhof aangelegd, hét bewijs dat de kapelaan het recht van begrafenis had. Nadien zou echter de pastoor van Waasmunster, onder welk gezag de wijk van Sint-Anna stond, zijn opgekomen en in 1717 werd het begravingsrecht andermaal toegestaan.
De inrichting van de parochie die eerder stapsgewijs was voorbereid werd verkregen in 1854 na een verzoek aan de koning en de bisschop, door niet minder dan 189 handtekeningen.
De parochie bevatte de kom bij de kerk, de wijken : Doorn, Bril en Hooigat (onder Hamme voor het burgerlijk bestuur) en Rodendries (onder Waasmunster). Op 18 november 1874 werd de parochie uitgebreid met het grootste gedeelte van de Ardoystraat.
De Backer Franciscus Josephus 1802-1808
Van Schooten Carolus 1808-1810
Van Hemme Joannes Baptista 1810-1833
Vander Maeren Carolus 1833-1861
Van Peteghem Joannes Antonius 1861-1869
Uyttenhove Petrus 1869-1876
De Mey Petrus Franciscus 1876-1886
Roels Carolus 1886-1890
Van Poucke Leo Theophilus 1890-1905
Lauwaert Leander 1905-1909
Sicotti Leo 1910-1921
Pauwels Ludovicus 1922-1941
Cappaert Julianus 1941-1949
Roelandts Cyrillus 1949-1968
Boel Joseph 1968-1976
Heirbaut Alphonsus 1976-1982
Waterschoot Herman 1982 -1989
Van den Broeck André 1989-1998
Parmentier Jozef 1998-2007,parochiaal beheerder
De Vidts Pierre 2007- ,pastoor deken
De Jaeger Ludovicus 1841-1846
Colle Ivo 1846-1847
De Bruyne Benignus Josephus 1847-1851
Maes Ludovicus 1851-1854
Coppens Carolus Ludovicus 1854-1855
Gleesener Zacherias Carolus 1855-1859
Van Wetter Carolus 1859-1864
Vanderhulst Carolus Ludovicus 1864-1864
De Landtsheer Carolus Ludovicus 1864-1869
Pieters Adolphus Gustavus 1869-1869
De Vos Gustavus Maria Joseph 1869-1872
Roels Carolus 1872-1875
Henderickx Petrus Franciscus 1876-1879
Versluys Augustus 1879-1897
Van der Mensbrugge Albert 1897-1898
De Geyter Gustavus 1898-1903
De Beer Godfridus 1903-1909
De Clercq Amatus 1909-1916
De Schaepdrijver Josephus 1917-1921
Willems Josephus 1921-1924
Verstraeten Carolus 1924-1928
De Sadeleer Josephus 1929-1935
Oste Josephus 1935-1941
Vindevogel Mauritius 1941-1942
De Wolf Edegarius 1942 - 1949